naar top
Menu
Logo Print

Meer dan helft van Vlamingen bouwt Bijna Energie Neutraal

Dat blijkt uit de nieuwste Energie en Binnenklimaat cijfers
magazine

Nieuwbouwwoningen in Vlaanderen halen gemiddeld een E-peil van E30, wat overeenkomt met Bijna Energie Neutraal (BEN). Nochtans is dit pas vanaf 2021 de wettelijke norm. Dat blijkt uit de jongste Energie en Binnenklimaat (EPB)-cijfers die Vlaams minister van Energie Bart Tommelein voorstelde op Batibouw. Vanaf dit jaar bedraagt de wettelijke E-peileis E40. “Vlamingen bouwen veel beter dan de wettelijke norm. Het bewijst dat ze vooruit denken, dat ze geen half werk willen leveren”, aldus Tommelein. “Bijna Energie Neutraal bouwen verhoogt je leefcomfort, verlaagt de prijs van je energiefactuur en is ook nog eens goed voor ons klimaat.” Sinds 2015 is de Ingrijpende Energetische Renovatie van kracht. Deze vorm van renoveren, waarbij 75 procent van de buitenschil en de technische installaties worden vervangen, is ook onderhevig aan de EPB-regelgeving. Ook hier zien we de tendens om strenger te verbouwen dan de E-peileis, die op E90 ligt: gemiddeld haalt men nu E74. Sinds oktober 2016 kan je een belastingvoordeel krijgen voor een Ingrijpende Energetische Renovatie: als je een E-peil haalt lager dan E60 krijg je vijf jaar lang een korting van 50 procent op de onroerende voorheffing, haal je E90 dan betaal je vijf jaar geen onroerende voorheffing. Bart Tommelein: “Al bijna één op de vijf renovaties is een Ingrijpende Energetische Renovatie. Dat aantal zal de komende jaren nog toenemen dankzij het fiscaal voordeel.” Sinds 2014 is het verplicht om een aandeel hernieuwbare energie te integreren in nieuwbouw. Doe je dat niet, dan kies je voor een 10 procent strengere E-peileis. Warmtepompen winnen ook aan terrein, ze zijn nu te vinden in 21% van de nieuwbouwwoningen. “Zonnepanelen zijn goedkoper én rendabeler geworden, waardoor ze voor vele Vlamingen een logische optie zijn. Vanaf dit jaar tellen warmtepompen en zonneboilers zwaarder mee in de EPB-rekenmethode. Op die manier willen we ook die technologieën een boost geven”, besluit Bart Tommelein.